Verreaux sifaka
Gegevens type-exemplaren
Collectie
NCB Naturalis
Nummer
RMNH.MAM.39077, 39078
Status
Syntype
Naam
Propithecus verreauxi Grandidier, 1867
Huidige naam
Propithecus verreauxi Grandidier, 1867
Verzameld
Madagaskar
Prima ballerina uit de doornenwoestijn
Vanwege hun gracieuze loop- en springbewegingen zijn sifaka's geliefd bij makers van natuurdocumentaires. Omdat ze hun balletkunsten vaak in slow motion uitvoeren is het net alsof ze dat doen om ons nog meer te laten genieten. Lang voor het televisietijdperk koesterde de Franse natuuronderzoeker Alfred Grandidier al een voorliefde voor deze primaten, die uitsluitend op het eiland Madagaskar leven. Helaas voor de sifaka's hield Grandidier het niet bij kijken. Om de soort te beschrijven ving hij er achttien.
Handel in dieren
NCB Naturalis heeft twee syntypen van Verreaux sifaka in de collectie. Het gaat om een volwassen en een onvolwassen vrouwtje, opgezet in de karakteristieke (bipedale) loophouding. Van beide exemplaren zijn ook de complete schedels los aanwezig. De syntypen werden verzameld in Madagaskar door de Franse natuurvorser en ontdekkingsreiziger Alfred Grandidier (1836-1921). In 1865 ondernam Grandidier zijn eerste expeditie naar dit eiland in de Indische Oceaan om de natuur te bestuderen en dieren te verzamelen. Ook in 1866 en 1868 ondernam hij expedities naar Madagaskar. Tijdens de expeditie in 1866, die duurde van juni tot november, wist Grandidier in de buurt van Cap Sainte Marie (Kaap Vohimena) elf volwassen en zeven jonge sifaka's te schieten. Het is mogelijk dat ze tot dezelfde sociale groep behoorden, maar zeker weten doen we dat niet. In ieder geval beschreef Grandidier op basis van deze achttien exemplaren in 1867 Propithecus verreauxi als nieuwe soort. De naam is een eerbetoon aan Jules Pierre Verreaux (1807-1873). Samen met zijn broer dreef Verreaux in Parijs een handel in natuurhistorische objecten. Voor hun Maison Verreaux trokken de broers regelmatig naar zuidelijk Afrika om dieren te verzamelen. Ze leverden ook opgezette dieren aan het Rijksmuseum van Natuurlijke Historie.
De syntypen van NCB Naturalis zijn gemonteerd op een houten voetstuk. Op het daaraan vastgehechte kartonnen label staat Pr[esenté] en 1867 par Mr Grandidier. Grandidier heeft de syntypen dus zelf aan het museum aangeboden. Het is gebruikelijk dat exemplaren die gebruikt zijn voor de soortbeschrijving in musea worden bewaard. Door zijn sifaka's aan het Rijksmuseum van Natuurlijke Historie aan te bieden, garandeerde Grandidier niet alleen dat de exemplaren goed bewaard zouden worden maar ook dat ze beschikbaar zouden zijn voor wetenschappers die de dieren wilden bestuderen. De andere sifaka's uit de achttien exemplaren tellende typeserie kwamen terecht bij andere musea in Europa.
Syntype van Verreaux sifaka RMNH.MAM.39077. Foto © NCB Naturalis.
Schedel van de Verreaux sifaka. Syntype RMNH.MAM.39078. Foto © NCB Naturalis.
Gracieuze springers
Verreaux sifaka's zijn niet alleen uitstekende klimmers, ze zijn ook aangepast aan een bipedale wijze van voortbewegen. Hun achterpoten lijken op benen van mensen, maar lopen zoals wij kunnen ze niet. Sifaka's komen vooruit door te springen. Om hun evenwicht te bewaren, houden ze hun armen hoog in de lucht en ze gebruiken ook hun staart. Het hele lijf doet dus mee in de bewegingsactie en de afstemming van de onderdelen is zo geraffineerd dat elke sprong er uitziet als een acrobatische act. Waarschijnlijk kunnen ze op twee poten sneller vooruit komen dan op vier. Hun voorpoten lijken ook iets te kort om handig als viervoeter te lopen. Alle lemuren, waartoe de sifia's behoren, kunnen springen, maar niet één springt zo ver als de Verreaux sifaka. Met zijn krachtige achterpoten verpulvert hij het (menselijke) wereldrecord verspringen. Een drie tot zes kilo zware sifaka overbrugt makkelijk een afstand van tien meter en dat meerdere malen achter elkaar.
Verreaux sifaka's in het wild. Foto: danielguip's Flickr
Verspreiding Verreaux sifaka's zijn endemisch op Madagaskar, dat wil zeggen dat ze alleen daar voorkomen. Voor het beschrijven van de soort deden achttien exemplaren dienst als syntypen. Er worden vier ondersoorten onderscheiden; twee zijn algemeen, de andere twee zeldzaam. De ondersoorten komen in verschillende leefgebieden voor en hebben afwijkende kleuren. Propithecus v. verreauxi is algemeen. De soort komt voor in het dorre zuiden en zuidwesten van het eiland. Ze leven in doornenwoestijn ten westen van de Tsiribihina rivier.
Si-fak
Het uiterlijk van de Verreaux sifaka is minstens zo opvallend als de voorbeweging. De dieren zijn vrijwel helemaal wit en hun zwarte gezicht met de geelgroene ogen steekt scherp af tegen de wollige vacht. Buik en borst zijn ietwat rossig en oksels en liezen donker. Sifaka's zijn dagdieren die in gemengde groepen leven van maximaal veertien individuen. Vrouwtjes binnen een groep worden tegelijkertijd vruchtbaar. In de groep ontstaat dan wedijver tussen de mannetjes om wie zich mag voortplanten. Meestal hebben mannetjes met de grootste testikels de meeste kans om te paren. De vrouwtjes baren doorgaans één jong. De volwassenen dieren in een groep beschermen alle jongen en zijn extra waakzaam. Bij onraad stoten ze een karakteristieke nasale alarmroep uit: si-fak, si-fak, si-fak.
Dauw drinken
Sifaka's zijn uitstekende klimmers die zich hoog in bomen wagen om zich te voeden met bladeren, knoppen, fruit en bloemen. Nu blijkt het voordeel van hun relatief korte voorpoten met goed ontwikkelde handen. Ze kunnen er heel zeker mee over takken bewegen. Overigens eindigen hun voeten in een grote grijpteen. Verreaux sifaka's zijn als een van de weinige zoogdieren in staat om te overleven in het dorre klimaat van Zuid-Madagaskar. In perioden van droogte likken ze ’s ochtends de dauw uit hun vacht. De scherpe doorns van struiken vormen een reëel gevaar, maar hun lichaam is zo lenig dat ze overal handig tussendoor weten te laveren.
Verreaux sifaka. Planche IV uit Grandidier (1892).
| Unieke zoogdieren Madagaskar is na Groenland, Nieuw-Guinea en Borneo het grootste eiland van de wereld. Eigenlijk is het een microcontinent, met allerlei unieke planten- en diersoorten. Negentig procent van de soorten op dit roodgekleurde laterieteiland tussen Afrika en Azië is endemisch. Vooral de zoogdieren van Madagaskar zijn zeer bijzonder. Zo komen lemuren, een groep primaten waartoe ook de Verreaux sifaka behoort, uitsluitend op dit eiland voor. Madagaskar wordt om die reden ook wel Lemuria genoemd. Het eigenaardige is dat fossielen van lemuren op uiteenlopende plekken worden gevonden, zoals in India. Men leidt hier uit af dat de diergroep is ontstaan toen de continenten nog aan elkaar vastzaten in het supercontinent Gondwanaland. Na de opsplitsing van het oercontinent dreven de werelddelen naar hun huidige positie. Op alle plekken stierven de lemuren uit, behalve op Madagaskar. |
Meer informatie
- Grandidier A. 1867. Mammifères et oiseaux nouveaux découverts à Madagascar et décrits par M. Alfred Grandidier. Revue et Magasin de Zoologie pure et appliquée et de Sériciculture comparée (2) 19: 84-88.
- Grandidier A. 1892. Histoire physique, naturelle et politique de Madagascar. Volume XX. Paris: Hachette et Cie.
- Strahan R. (ed.) 1998. The Mammals of Australia. Revised Edition. Reed New Holland
Monday, February 28, 2011


