Dwergwitvoetmuis

Baiomys hummelincki_key visual

Gegevens type-exemplaar  
Collectie NCB Naturalis
Nummer  RMNH.MAM.15994
Status Holotype
Naam Baiomys hummelincki Husson, 1960
Huidige naam Calomys hummelincki (Husson, 1960)
Verzameld Santa Martha, Curaçao

Dankzij DNA toch een aparte soort

De binnenkant geeft de doorslag. Zijn taxonomen gewend om te kijken naar de uiterlijke kenmerken van een dier, tegenwoordig gaan ze voor een antwoord op de vraag Is dit een aparte soort? steeds vaker te rade bij de genen. De dwergwitvoetmuis is een mooi voorbeeld van deze verandering in het onderzoek waarbij de buitenkant van het dier er minder toe doet dan de erfelijke code binnenin de cel.

DNA-profiel
Het holotype van de dwergwitvoetmuis in de collectie van NCB Naturalis is in 1947 verzameld door A.B. Bitter. Het gaat om een huid en de bijbehorende schedel. Op basis hiervan beschreef de zoöloog Antonius Maria Husson (1913-1987) de soort in 1960 als Baiomys hummelincki. Husson, die als zoogdierconservator werkte bij het Rijksmuseum van Natuurlijke Historie, vernoemde het dier naar P. Wagenaar Hummelinck, een bioloog die veel onderzoek heeft gedaan naar de fauna op Curaçao en andere eilanden in het Caribische gebied.

In 1962 werd de dwergwitvoetmuis ingedeeld in een ander geslacht, Calomys. Bovendien is toen geopperd dat de muis geen aparte soort was, maar tot Calomys laucha, de vespermuis, gerekend moest worden. In 1976 kwam daar echter verandering in. Er is toen een DNA-profiel gemaakt, waarbij ook de genetische code van het holotype is bekeken. De door Bitter in 1947 verzamelde huid bevatte gelukkig nog voldoende bruikbaar erfelijk materiaal. Er kwam goed nieuws voor de dwergwitvoetmuis: zijn DNA week voldoende af van dat van de vespermuis. Conclusie: toch een aparte soort!

Baiomys hummelincki_555

Dwergwitvoetmuis. Holotype RMNH.MAM.15994. Foto © NCB Naturalis.

Wit voetje
De dwergwitvoetmuis behoort tot de familie Cricetidae, waar ook hamsters, woelmuizen en manenratten bij horen. De soort verschilt onder andere van de veldmuis door de geringere afmetingen, de langere staart, anders gevormde kiezen en de opvallend witte voetjes.

Curacao.png

Verspreiding
Dwergwitvoetmuizen komen voor in Aruba, Curaçao, Colombia, Venezuela en Brazilië. Het holotype is gevonden in Santa Martha op Curaçao.

Zeldzaam
Op Curaçao waren de muizen vroeger een algemene verschijning, maar door de import van Europese knaagdieren, zoals zwarte rat en huismuis, zijn ze sterk in aantal teruggelopen. Ook hebben competitie om voedsel met geiten en schapen de soort geen goed gedaan. Het is de vraag hoe lang de dwergwitvoetmuis op Curaçao stand houdt. Mocht hij er verdwijnen, dan komt er een eind aan een innige band. Fossielen tonen namelijk aan dat het dier al heel lang een vaste bewoner is van het eiland.

Djaka di caña
Dwergwitvoetmuizen zijn nachtdieren die zich vooral thuisvoelen in grasvelden. Ze voeden zich met de stengels en zaden. Geen wonder dat djaka di caña, dat grasmuis betekent, een populaire bijnaam is in het Papiamento. Ook akkers waarop sorghum verbouwd wordt zijn niet veilig voor de eetlust van de dieren. Over de voortplanting is weinig bekend. Een van de weinige dingen die we weten is dat de draagtijd vijfentwintig dagen bedraagt en dat het vrouwtje meestal vijf jongen werpt.

Meer informatie

Monday, February 28, 2011 author: Marije Siemensma, Caroline van der Mark