Kortstaartkitta

Kitta thalassina_Key visual_500.jpg
Gegevens type-exemplaren  
Collectie NCB Naturalis
Nummer  RMNH.AVES.90589, 90590, 90591, 90592
Status Syntypes
Oorspronkelijke naam Kitta thalassina Temminck, 1826
Huidige naam Cissa thalassina Temminck, 1826
Verzameld Java, Indonesië

Zorro onder de vogels

Een prachtige zeegroene ekster met een fluweelzwart masker, ietwat gekuifde kopveren, kastanjerode vleugels, een rode snavel en rode poten. Ondanks zijn opzichtige uiterlijk verdwijnt de vogel haast onzichtbaar tussen het gebladerte van het tropisch regenwoud. De beroemde bioloog Caspar Georg Carl Reinwardt ontdekte de ekster tijdens een verzameltocht in het voormalige Nederlands-Indië.

Kitta thalassina_hele beest.jpg

Syntype RMNH.AVES.90589 van Kitta thalassina uit NCB Naturalis. De kleuren zijn in de loop van de tijd verschoten. Foto © NCB Naturalis.

Driemaal is scheepsrecht
Al vóór de oprichting van het Rijksmuseum van Natuurlijke Historie (nu NCB Naturalis) in 1820 te Leiden zag Koning Willem I het belang in van het verwerven van kennis over de natuur en cultuur van de koloniën. Op zijn initiatief werden in 1815 expedities naar de overzeese gebiedsdelen gestuurd, om de natuurlijke rijkdommen in kaart te brengen en zo mogelijk te verzamelen. Naast het verwerven van wetenschappelijke kennis was men er vooral op uit inzicht te krijgen in de aanwezigheid van economisch interessante zaken, zoals kruiden en specerijen. Willem I benoemde de van oorsprong Pruisische chemicus en botanicus Caspar Georg Carl Reinwardt (1773-1854) tot Directeur tot de zaken van Landbouw, Kunsten en Wetenschap op Java. Na enige tijd in het basiskamp te hebben doorgebracht, ondernam Reinwardt in 1817 zijn eerste ‘inspectiereis’ naar het oostelijke deel van het eiland. Hij verzamelde het nodige aan natuurlijke voorwerpen en verscheepte een eerste lading naar Nederland. Helaas kwam de zending niet aan, want het schip verging. Reinwardt liet zich er niet door weerhouden om door te gaan, ook niet nadat een tweede en derde zending in de golven verdween. Uiteindelijk lukte het om honderden geprepareerde vogels in het vaderland te krijgen, waaronder tientallen nog onbekende soorten. Coenraad Jacob Temminck (1778-1858), vogelkenner en tevens directeur van het inmiddels opgerichte Rijksmuseum van Natuurlijke Historie, herkende de kitta als nieuwe soort en bescheef hem als Cissa thalassina. Naast de korte staart viel Temminck het zeegroen van de vogel op. Geen wonder dat hij zich voor de wetenschappelijke naam liet inspireren door thalassa, het Oud-Griekse woord voor zee.

Veel vogels die Reinwardt naar Nederland stuurde, zijn niet meer in de collectie van NCB Naturalis aanwezig. Waarschijnlijk ruilde Temminck exemplaren met andere instellingen tegen diersoorten die nog in de collectie ontbraken. Soorten die nieuw waren voor de wetenschap hield het museum uiteraard zelf.

Zeegroene camouflage
De kortstaartkitta Cissa thalassina is een zeegroene eksterachtige vogel die alleen op Java en Borneo voorkomt. Volwassen dieren zijn 31-33 centimeter lang. Ze zijn daarmee net iets kleiner dan twee andere Aziatische kitta’s waar ze op lijken: de groene kitta Cissa chinensis en de geelbuikkitta Cissa hypoleuca. Kortstaartkitta’s zijn uniek vanwege hun korte staart en groenblauwe kopveren. Met zijn zwarte oogband is de kortstaartkitta de Zorro onder de vogels. Het groene verenkleed is zo'n goede camouflage dat de vogels tussen boombladeren lastig te ontdekken zijn. Bovendien breken de zwarte oogband en de kastanjerode vleugels de vorm van het lichaam. Kitta’s laten zich weinig zien maar des te meer van zich horen. Hoewel de meeste tropische eksters krijsende en schelle tonen voortbrengen, hebben kortstaartkitta’s een vriendelijke, muzikale zang. Ze brengen een riedel van heldere fluittonen ten gehore, gezongen met wisselende snelheid en onderbroken door korte pauzes.

Java_klaar_voor_web.png

Verspreiding
Kortstaartkitta’s komen alleen op Java en Borneo voor. Ze leven in bossen op de hellingen van heuvels en bergen. Op Borneo komt daarnaast ook de groene kitta voor. De twee soorten op dit eiland leven niet in hetzelfde gebied. Kortstaartkitta’s leven in de hooggelegen bergbossen tussen de 950 en 2500 meter, groene kitta’s daarentegen vooral aan de voet van heuvels. Een scherp waarnemer heeft de meeste kans om een kortstaartkitta te zien op de berg Kinabalu, aan de oostkant van het eiland. De syntypen zijn gevonden op Java, Indonesi
ë.

Leven op hoogte
Over de leefwijze en het gedrag is niet veel meer bekend dan dat de vogels zich in de boomkronen ophouden, maar af en toe ook op de grond komen om voedsel te zoeken. Het menu bestaat uit insecten, rupsen, slakken en zelfs kleine kikkers. Van het broedgedrag weten we vrijwel niets.

Kitta thalassina - Planches Coloriées (18f-109-2_0149)_500.jpg

Afbeelding van Kitta thalassina uit Planches Coloriées. Illustratie © Teylers Museum.

 

Caspar_Georg_Carl_Reinwardt_groot.jpg

Caspar Georg Carl Reinwardt (1773-1854) Illustratie: wikipedia

Belang van Reinwardts werk

Met zijn verzamelactiviteiten legde Reinwardt de basis voor de omvangrijke collectie natuurhistorisch materiaal uit het voormalige Nederlands-Indië die in NCB Naturalis wordt bewaard. De verzameling was er nooit gekomen als de toenmalige regering niet had besloten om het ‘Indisch natuuronderzoek’ te intensiveren. Speciaal voor dit doel werd de Natuurkundige Commissie voor Nederlandsch-Indië opgericht. De leden - meestal natuuronderzoekers - moesten "de wetenschappelijke kennis van de voortbrengselen der Natuur, in die landen, uitbreiden." Gedurende de dertig jaar dat de Commissie bestond, werden grote hoeveelheden natuurhistorische voorwerpen bijeengebracht en een schat aan wetenschappelijke gegevens verzameld.

Meer informatie

Friday, February 25, 2011 author: Marije Siemensma, Caroline van der Mark