Onechte gaviaal

Tomistoma_schlegelii_key visual.jpg

Gegevens type-exemplaren  
Collectie NCB Naturalis
Nummer  RMNH.RENA.3198, 3200, 7934-5, 35444, 35445, 35449, 39581
Status Syntypes
Naam Crocodilus (Gavialis) Schlegelii Müller, 1838
Huidige naam

Tomistoma schlegelii (Müller, 1838)

Verzameld Borneo, Indonesië

Krokodil vermomd als gaviaal

Tomistoma schlegelii is een afwijkende krokodil, want met zijn langwerpige snuit heeft hij meer weg van een gaviaal. Een vermomming die het resultaat is van convergente evolutie: de ontwikkeling van dezelfde vorm in verschillende diergroepen. De leefwijze verklaart hoe het gavialenuiterlijk is ontstaan.

Bonte verzameling
NCB Naturalis heeft meerdere syntypen van de onechte gaviaal in de collectie. Ze zijn bijeengebracht door natuuronderzoeker Salomon Müller (1804-1864) en door hem gebruikt bij de beschrijving van de soort. Het museum bezit een schedel, een skelet, een gedroogd ei, een ei op alcohol, een embryo en twee opgezette exemplaren. Merendeels zijn ze verzameld in de omgeving van het Lamoedameer op Borneo, tijdens een expeditie van de Natuurkundige Commissie, waar Müller lid van was. Hij noemde de soort Crocodilus (Gavialis) Schlegelii, een eerbetoon aan Hermann Schlegel, conservator van het Rijksmuseum van Natuurlijke Historie in Leiden. Schlegel was zelf ook actief onderzoeker van reptielen uit Nederlands-Indië.

Tomistoma_schlegelii_550_Wikimedia

Rustende onechte gaviaal. Foto: Fritz Geller-Grimm Wikimedia.

Snuit voor vis
Krokodillen hebben normaal gesproken een brede bek, terwijl die van gavialen smal en lang is. Maar met een spitse snuit is het beter vis vangen. Niet verwonderlijk dus dat de onechte gaviaal, die zich met vis voedt, een lange, spitse snuit heeft. Vermoedelijk beschikte zijn evolutionaire stamvader nog 
over een brede bek, die in de loop van de geschiedenis geleidelijk aan spitser is geworden en dus meer geschikt om snelle en wendbare vissen te pakken te krijgen. Dit proces van convergente evolutie verklaart de uiterlijke overeenkomst met echte gavialen, de viskampioenen onder de reptielen. Toch is er meer aan de hand. Recent onderzoek laat namelijk dat er sprake is van een nauwere verwantschap met de echte gavialen dan gedacht. Hun DNA blijkt grote overeenkomst te vertonen. Verwantschappelijk staat de onechte gaviaal dus dichter bij de gavialen (familie Gavialidae) dan andere krokodillen. 

Onderscheid
Er zijn ook verschillen. Het belangrijkste is de overgang van de kop naar de snuit. Bij gavialen is de snuit al smal aan de basis; die van de onechte gaviaal is aan de basis breed en wordt pas naar het einde toe spitser. Ook in het gebit zijn verschillen te zien. Onechte gavialen hebben 76-84 tanden, terwijl echte gavialen er meer dan honderd in hun bek kunnen hebben. Hun tanden zijn over het algemeen wel kleiner.

Borneo.png

Verspreiding
De onechte gaviaal leeft op het Maleisisch schiereiland, Borneo, Sumatra, Java en mogelijk ook op Sulawesi en in Vietnam. In Thailand is de soort sinds 1970 niet meer gezien. De syntypes zijn afkomstig van Borneo, Indonesië.

Hinderlaagjager
Onechte gavialen leven in rivieren, meren en moerassen. Ze trekken zich soms terug in holen langs de oever. Ook verstoppen ze zich graag tussen waterplanten, gecamoufleerd door hun olijfgroene tot bruine kleur. Vanuit zo'n hinderlaag schieten ze als een snoek op voorbijzwemmende prooi af. Ook nu bewijst de spitse snuit goede diensten. Hij vermindert de weerstand, zodat de krokodil sneller kan uithalen. Onder water zijn smalle kaken ook sneller te openen en te sluiten.
Hoewel voornamelijk vis op het menu staat, voedt de onechte gaviaal zich ook met andere dieren. Regelmatig verdwijnen insecten, kreeftachtigen en zelfs zoogdieren zoals makaken tussen de kaken.

Couveuse
De vrouwtjes zijn geslachtsrijp zodra ze een lengte bereiken van tweeënhalve meter. Na de paring veegt de aanstaande moeder met haar staart droge bladeren of veen op een hoop. In zo'n broedhoop legt ze twintig tot zestig eieren. Door rotting genereert de composthoop de warmte die nodig is voor de ontwikkeling van de embryo's. Na negentig dagen kruipen de jonkies uit het ei. Ze zijn meteen in staat om te zwemmen en hun kostje bij elkaar te scharrelen. Hun ouders kijken niet meer naar ze om. Onbeschermd als ze zijn, is er onder de pasgeborenen een hoge sterfte. Zwijnen en andere rovers staan op de loer bij het uitkomen van de eieren en laten zo'n lekker hapje niet gaan.

Bedreigd
In het wild staat de onechte gaviaal er niet zo goed voor: de totale populatie wordt geschat op ongeveer 2500 dieren. In Thailand is de soort inmiddels uitgestorven. De voornaamste bedreigingen komen van de mens. Drooglegging van de leefomgeving voor de landbouw en de aanleg van palmolieplantages vormen de grootste risico's voor het voortbestaan. Ook visserij bezorgt de krokodillen last. Vissers vangen veel voedsel weg en soms raken dieren verstrikt in netten, om vervolgens jammerlijk te verdrinken. Gelukkig wordt er niet veel op ze gejaagd. Het leer is namelijk minder goed dan dat van andere krokodillen.

Meer informatie

Tuesday, March 8, 2011 author: Marije Siemensma